Start arrow Noveen gebeden arrow Noveen gebeden tot andere Heiligen arrow Don Bosco Noveen in de klas II
in de Geest van Gebed
 
 
Main Menu
Start
Algemeen
Rozenkrans gebeden
De Bron van het Geluk
Gebeden bibliotheek
Noveen gebeden
Artikelen GvG
Bedevaart impressies
Kalender
Links
Classic Geest van Gebed
^
^
Wie is Online?
We hebben 2 gasten online
Don Bosco Noveen in de klas II PDF Afdrukken E-mail
Geschreven door Johfrael   
Wednesday 22 April 2009

Don Bosco Noveen in de klas II



 

EERSTE DAG: EEN BLIJE HEILIGE

Je kan op vele manieren christen zijn. Ik koos de manier van don Bosco, omdat een goede christen ook een blije christen mag zijn, zegt een jonge man van 20 jaar. Als 16-jarige stichtte Jan Bosco met enkele makkers op het college de club van de vrolijkheid. In de groep was enkel verboden wat de vreugde kon afbreken. 'Opgewektheid ontspringt aan de vrede van het hart', zei hij. En niets kon zijn vreugde stukslaan. Eens zei hem een vriend: Ik heb u nog nooit zo blij gezien als vandaag. En zijn antwoord was: 'En toch heb ik vandaag de grootste tegenslag van mijn leven gehad.

a.      Don Bosco,
         uw sterke vreugde boeit ons!
         Onze vreugde wordt zo vlug door de minste tegenwind uit ons hart geblazen.
         Waar kwam die diepe vrede van uw hart vandaan?
         Mogen wij dat vernemen deze week?
         Geef ons iets van uw milde lach, van uw innerlijke opgewektheid,
         opdat ook onze vreugde - zoals de uwe -
         anderen mag aantasten en bron zijn van geluk en levensmoed. Amen.

 

TWEEDE DAG: HET BEGON MET EEN DROOM

Je bent 9 jaar. Op een nacht heb je een droom. Iemand vraagt je de leiding te nemen over een zware jongensbende. Je schiet naar de troep toe en de rake klappen die je uitdeelt onderstrepen je woorden van afkeuring over hun slecht gedrag. En dan weer die stem: 'Neen, niet met slagen maar met zachtheid en geduld'. Je vertelt je droom aan tafel. Grootmoeder zegt: 'Aan dromen moet je geen aandacht geven'. Dit overkwam de 9-jarige Jan Bosco. 'Ik was het met grootmoeder eens', zegt hij vele jaren later, maar ik kon die droom nooit van me afzetten. En hij heeft mijn ganse leven bepaald.'

a.      Don Bosco,
         wat was die droom op 9 jaar?
         Was het jouw ontluikend zoeken
         of innerlijk verlangen naar een weg in je leven?
         Of was het Gods droom over jouw leven
         die je overmande in je slaap?
         Of vloeiden deze twee dromen samen?
         Help ons luisteren naar onze eigen droom.
         Help ons Gods droom over ons op het spoor komen.
         En help ons geloven dat hierin de weg ligt naar ons geluk. Amen.

 

DERDE DAG: EEN DROOM WORDT ROEPING

Wat ga ik met mijn leven doen? Een vraag die telkens weer ook bij ons naar boven komt. Ga ik mijn droom kunnen realiseren? Don Bosco bleef er niet mee zitten, dubbend in zichzelf. Hij luisterde en hij keek naar de nood van mensen en naar Gods droom over zijn leven. Hij kende de nood van vele jongeren om hem heen die zonder vader en moeder in armoede ronddoolden. Toen hij twee jaar was hoorde hij zijn moeder tot hem zeggen: 'Je hebt geen vader meer, Jantje'. Op zijn 14 verloor hij zijn tweede vader: een 70-jarige pastoor van zijn dorp. Ik weende ontroostbaar, zei hij later. Uit deze ervaringen groeide zijn roeping: als priester vader worden van arme jongeren.

a.      Don Bosco,
         wij zijn vaak angstig en onzeker als we aan onze toekomst denken:
         wat moet ik worden?
         De werkloosheid verwart ons soms
         en doet onze dromen wegkwijnen.
         We dubben dan vaak in onszelf.
         Doe ons - zoals gij - úluisteren naar de nood van mensen
         en naar Gods droom over ons jonge leven.
         Help ons geloven dat God ook ons roept
         om in deze wereld iets van zijn liefde door te geven
         op de levensweg die voor ons ligt,
         maar ook iedere dag - hier en nu útussen de mensen
         met wie wij mogen samenleven. Amen.

 

VIERDE DAG: VADER VAN VERLATEN JONGEREN

De koster zwierde hem met een oorveeg weg uit de sacristie. Hij kon de mis toch niet dienen. Don Bosco liet de jongen terugroepen.

- Hoe heet je?
- Bart Garelli.
- Van waar kom je?
- Uit Asti.
- Leeft je vader nog?
- Neen.
- En je moeder?
- Neen.
- Hoe oud ben je?
- Zestien jaar.
- Kun je lezen?
- Neen.
- Kun je schrijven?
- neen.
- Kun je zingen?
- Neen.
- Kun je fluiten?

Het gezicht van Bart klaarde op. Door zijn voorzichtige lach heen klonk een 'Ja!'. Don Bosco had iets positiefs in hem gevonden. Het werd de eerste jongen die hij van de straat opraapte! De eerste in een zeer lange rij.

a.      Don Bosco,
         je zocht steeds het positieve in de jongeren die je ontmoette.
         Het geloof dat in iedereen iets goeds verscholen zit,
         maakt je tot vader van veel verlaten jongeren.
         Doe ook ons het positieve zien in ieder van onze vrienden.
         Doe ons ook onze eigen mogelijkheden zien
         en ons niet blind staren op onze tekorten.
         Help ons al het goede in onszelf en de anderen
         kansen te geven tot ontplooiing
         en laat het bouwstenen worden voor gelukkig zijn om elkaar. Amen.

 

VIJFDE DAG: VERTROUWEN GEEFT LEVENSKRACHT

Wie op bezoek kwam bij don Bosco kon niet uitgekeken raken: al dat jonge leven in zijn huis, een nooit geziene blije bende vol levenslust. Er heerste een echt familieklimaat. En waarop steunde dit? Don Bosco wist het vertrouwen van zijn jongens te winnen door hun zijn vertrouwen te schenken. 't Is mij genoeg dat ge jongens zijt, om echt van u te houden. Vertrouwen is voor mij het dierbaarste ter wereld. Vertrouwen is de sleutel van alles. Het vertrouwen legt de stroom tussen jongens en opvoeders. In dit vertrouwen kwamen de thuisloze jongeren tot leven. In dit vertrouwen groeide de vreugde en de levenskracht van iedere jongen en van iedere groep.

a.      Don Bosco,
         er heerste tussen uw jongens een klimaat van blije levenslust.
         Door uw vertrouwen in hen gaven zij u hun vertrouwen.
         Wij hebben het niet zo gemakkelijk om in onze schoolgemeenschap
         dit diepe vertrouwen in elkaar te beleven,
         tussen leerlingen en opvoeders, en onderling met onze kameraden.
         Wek in ons datzelfde vertrouwen dat in uw hart leefde.
         En help ons vanuit dit vertrouwen te bouwen aan een familieklimaat
         van vreugde en innerlijke blijheid. Amen.

 

ZESDE DAG: EEN ROTSVAST FUNDAMENT

Heb je al ervaren in je leven dat je door iemand ten volle wordt aanvaard? Dan groeit je vertrouwen in mensen. Hoe kon don Bosco zo sterk vertrouwen in zijn jongens en in alle mensen? Hij wist zichzelf ten volle aanvaard! Door mensen ja, zijn moeder, zijn vrienden, zijn jongens. Maar geen mens kan je laten ervaren dat hij je helemaal aanvaardt. Don Bosco wist en ervaarde dat God hem en ieder mens honderd procent aanvaardde. Dat was zijn rotsvast fundament. Daarop steunde heel zijn leven. Daardoor kon hij zoveel vertrouwen geven. Zo vaak zei hij: 'Vrees niets! God is met ons! Vrees niets God zal u helpen.'

a.      Don Bosco,
         wij verlangen er sterk naar
         ons bemind en aanvaard te voelen.
         Maar vaak blijft ons verlangen onbevredigd.
         Uw vertrouwen dat God u beminde kunnen wij zo moeilijk volgen.
         Voor ons is dat meestal niet zo een zekerheid als voor u.
         Als daarin echter het fundament ligt van heel uw leven,
         help ons dan ook geloven dat God onze honger naar liefde kent
         en wil stillen,
         en dat Hij ook ons onvoorwaardelijk bemint
         en ons echt aanvaardt zoals we zijn.
         Laat dit geloof ook voor ons de rots zijn
         waarop heel ons leven steunt. Amen.

 

ZEVENDE DAG: DE WAARDE VAN EEN MOEDER

'Ik zal je een Moeder geven die je met liefde en wijsheid zal bijstaan', hoorde don Bosco in zijn eerste droom. 'Op haar', zegt hij later,' heb ik al mijn vertrouwen gesteld'. Zij wenst dat wij al ons vertrouwen stellen in haar. Zij heeft mij steeds geleid. Het is zeker dat zij ons bemint. Zij verlaat nooit wie op haar vertrouwt. Wie op haar vertrouwt komt nooit bedrogen uit. Wie alleen weinig kan doet veel met haar hulp! Zo drukt don Bosco zijn liefde tot Maria uit en zijn vertrouwen in haar. Maar ook haar liefde voor ons. Hij heeft die steeds ervaren.

a.      Don Bosco,
         wij kunnen er zo moeilijk bij hoe gij met Maria waart verbonden,
         hoe gij haar liefde hebt ervaren.
         Geef ons iets van uw kinderlijk vertrouwen in haar.
         Doe ons beseffen dat zij ook voor ons een moeder wil zijn
         om ons de weg te tonen naar het volle vertrouwen in God
         en de overgave aan hem en naar echte liefde voor de mensen om ons heen.
         Vraag haar, dat zij ook ons wil helpen
         om onze dromen en Gods droom over ons waar te maken in ons leven. Amen.

 

ACHTSTE DAG: PLAATS VOOR VELEN

Vanaf het ogenblik - zegt don Bosco - dat ik als arme priester jongens begon bijeen te brengen voelde ik de noodzaak aan medewerkers te hebben. Hij zocht priesters en leken die op welke wijze ook hem hulp konden bieden bij zijn werken voor de jongeren. Hij zocht mensen die ook elders vanuit zijn geest wilden werken voor de jeugd. Hij stichtte de congregaties van de salesianen en de zusters. En zijn jongens zelf riep hij op mee te werken in hun eigen opvoeding en die van hun kameraden. Zijn opvoedingswerk geeft de kans aan ieder die - hoe dan ook úin zijn geest wil werken voor het heil van jonge mensen.

a.      Don Bosco,
         gij wist u geroepen en gezonden om in de Kerk,
         voor de jeugd met een eigen opvoedingstrant heel je leven in te zetten.
         Uw hart was echter veel groter dan uw handen en uw eigen mogelijkheden.
         Daarom hebt gij velen kans gegeven om met hun eigen geaardheid
         en hun eigen levensroeping met u mee te werken.
         Vele jongens zijn bij u gegroeid tot volwassen, dienstbare mensen
         omdat ze zich hebben ingeschakeld voor hun eigen opvoeding
         en die van hun vrienden.
         Geef ook ons de kracht en de moed
         om met onze eigen mogelijkheden ons in te zetten in uw opvoedingsproject.
Amen.

 

NEGENDE DAG: TESTAMENT AAN ZIJN JONGENS

De dag is nakend dat ik jullie moet verlaten, schreef don Bosco aan zijn jongens. Bedenk dat bescheidenheid de bron is van tevredenheid. Leer elkaars gebreken verdragen, volmaaktheid is niet van deze wereld. Hou op met kankeren, want daaraan gaat de liefde kapot. Wie geen vrede heeft met God, heeft geen vrede met zichzelf en geen vrede met de anderen. Weet dat jullie kinderen zijn van Maria. Zij wil de barrière van wantrouwen tegenover jullie opvoeders samen met jullie opruimen. Jullie arme, oude vriend verlangt jullie openhartigheid in alle eenvoud en oprechtheid, jullie warme liefde en jullie ware vrolijkheid.

a.      Don Bosco,
         uw testament aan uw jongens
         is een heel levensprogramma
         maar ook een veilige weg om gelukkig samen te leven.
         Blijf gij ons telkens oproepen om er dag na dag aan te bouwen.
         Toon ons de weg om in vrede en vriendschap te leven met God,
         met onszelf, met elkaar.
         Geef ons iets van uw kracht en uw warme liefde,
         van uw vertrouwen in God en in elk van uw jongens,
         zodat wij samen kunnen leven in die ware vreugde die u zo dierbaar was.
Amen.

 

Johannes 'Don' Bosco 31 januari

Laatst bijgewerkt op ( Wednesday 22 April 2009 )
 
< Vorige   Volgende >

© 2018 in de Geest van Gebed
Joomla! is Free Software released under the GNU/GPL License.